
Orgues de l'Ille sur Tet **Wonderbaarlijk landschap
Er zijn van die bezienswaardigheden waar je een hoge verwachting van hebt. Soms wordt je verwachting overtroffen zoals ik had in Carcassonne of Chamonix, maar soms valt het een beetje tegen. Dat gebeurde bij mij bezoek aan Orgues de l’Ille sur Tet. Het is zeker een bijzondere plek maar het was allemaal net even kleiner en minder spectaculair dan ik in mijn hoofd had.
- Geschikt voor kinderen
- Lage entree
- Elke dag open van 10.00 tot 18.00
Reisprogramma
Nu ligt dat natuurlijk vooral aan mijn verwachtingen. Ik had zag ooit een item van een bekend reisprogramma op televisie over Orgues de l’Ille sur Tet. Het was een professioneel gemaakt item en omdat ik Frankrijk redelijk ken maar hier nog nooit gehoord had trok het direct mijn aandacht. De presentator maakte er een mooi verhaal van en vertelde enthousiast over dit wonderbaarlijke geologisch verschijnsel. Ik raakte op mijn beurt er van overtuigd dat ik toch mooi een verscholen pareltje van Frankrijk gemist had.
Toen wij een paar maanden later een week Frankrijk bezochten wilde ik dan ook graag naar Ille sur Tet om de Orgues te bewonderen. Daarbij hou ik ook wel van plekken met een leuke naam en Tet valt zeker in deze categorie. Andere zijn Prats de Mello en St. Cirque Lapopie bijvoorbeeld. Niet geheel toevallig lag Orgues de l’Ille sur Tet op de weg naar drie ‘Beaux Villages’ en we besloten om dit wonder der natuur op de terugweg naar onze gîte te bezoeken.

Boven staan bomen die de bovenlaag van harde steen vast weet te houden. Is die eenmaal weg dan spoelt het regenwater het zachte steen eronder weg.
Met nog tien kilometer te rijden naar Ille sur Tet opende de hemelpoorten zich. Een spectaculaire regenbui dwong ons een tijdje langs de weg te stoppen waarna Zeus zijn bliksem inzette om het meteorologische spektakel compleet te maken.
De bui was nog niet helemaal afgelopen toen we de lege parkeerplaats opdraaiden. De bliksem kwam nog een keer in alle hevigheid terug waardoor we ons niet buiten de auto waagden. Na tien minuten durfden we het aan en vonden we een gesloten kassa. De boel was dicht omdat het te gevaarlijk was vanwege de onweer.
Het was al laat in de middag en ik dacht niet dat we nog naar binnen konden maar gelukkig was de vrouw achter de kassa er van overtuigd dat het gedaan was met het slechte weer en besloot de boel nog een uurtje open te gooien. Nadat wij de kaartjes hadden gekocht begon ze hard in een mobilofoon te roepen om te vertellen dat we in aantocht waren en dat haar collega andere kant nog niet naar huis kon.
Sculpturen
Na een korte wandeling langs allerlei leuke sculpturen van menselijke hand zagen we de karakteristieke zuilen achter een heuvel opdoemen. Een nieuw loket diende zich aan waar we onze kaartjes lieten zien. Of we het erg vonden als zij alvast naar huis ging want haar dochter zat daar te wachten en die was een beetje van slag door het noodweer. Nadat wij ons akkoord hadden gegeven werd het loket snel gesloten en haastte de poortwachter zich naar haar dochter. We waren ineens alleen in de attractie en dat was wel een leuk idee, alsof je bij je wildvreemden in huis bent.
Het rook heerlijk naar verse regen die door de droge grond gulzig werd opgenomen terwijl de zon zich ook weer liet zien. Na een kleine klim stonden we ineens in een vreemd maanlandschap dat aan alle kanten was omgeven met steile zandkleurige kliffen van minstens vijf meter hoog.
Vreemde rotsformaties
De kliffen hebben allemaal het zelfde patroon; smalle halve zuilen van de grond tot aan de top die een beetje lijken op orgelpijpen. Dat verklaard ook direct de naam. Bovenop groeien duidelijk struiken met hier en daar een boom.

Je kan heel dichtbij de rotsen komen waar je duidelijk kan zien wat het water er mee doet.
Dit wonderlijk landschap is kort gezegd een berg die is weggespoeld door regenwater. Dat is een vrij normaal fenomeen maar hier is dit verhaal net even anders gelopen. De basis van de berg is gevormd tijdens een extreem warme periode. Omdat er geen ijskappen waren en de oceaan veel minder diep was, lag de zeespiegel veel hoger. Hierdoor lag bijna heel Frankrijk onder water en miljoenen jaren lang zakte allerlei rommel naar de bodem en vormde zo een dikke laag. Toen het klimaat kouder werd trok de zee zich terug. In deze tijd werden niet alleen op de Noord- en Zuidpool maar ook op de toppen van de bergketens werden ijskappen gevormd.
Ook de Pyreneeën verdwenen onder een pak met sneeuw en ijs en de gletsjers strekten zich langzaam maar zeker uit. Ook de streek bij l’Ille sur Tet werd bedekt met een gletsjer die allerlei steen en puin uit het hooggebergte op deze plek dumpte. Toen het weer warmer werd en het ijs zich terug trok lag er laag van harde steen boven het zandsteen dat eerde op de bodem van de zee was gevormd.
Maar dan zijn we er nog niet want deze harde laag werd bij elkaar gehouden door bomen, struiken en andere vegetatie. Dit veranderde toen mensen de grond begonnen te bewerken waardoor de harde bovenlaag niet meer werd beschermd. Hierdoor kreeg het regenwater en de wind vrij spel waardoor al snel een groot deel van de bovenlaag verdween waarna de zachte onderlaag werd weggespoeld.
Maar niet alle vegetatie verdween waardoor kleine delen van de harde bovenlaag er nog zijn terwijl daar om heen de zachte onderlaag weg is gespoeld. Oplettende lezers hebben al geconcludeerd dat dit landschap nog niet zo heel lang bestaat en dat is ook zo. Omdat het proces doorloopt wordt steeds grond weggespoeld en zal het ook niet heel erg lang meer duren voordat het allemaal verdwijnt.
Verantwoordelijkheidsgevoel
Op sommige plekken is er een kloof in de kliffen waar onze kinderen met veel plezier door heen begonnen te rennen. Bezorgd dat we iets kapot zouden maken vonden we dit in eerste instantie niet zo’n goed idee en stonden we opvoedkundig te schreeuwen. Het had weinig zin en nadat we op een uitlegbord hadden gelezen dat de wandelroute door de kloof loopt waar ons nageslacht net was verdwenen hielden we er ook maar mee op. Verantwoordelijkheidsgevoel zit je soms gewoon een beetje in de weg.
Door de nauwe kloven wandelen is leuk en je hebt continue het gevoel dat om de hoek je een wagentje van de NASA tegen zal komen. Omdat het allemaal niet zo heel groot is, de paden zijn goed aangelegd en de grasperkjes uitstekend zijn geknipt heb je meer het gevoel dat je in een parkje of een tuin loopt.
Dat mag de pret natuurlijk niet drukken. Orgues de l’Ille sur Tet is een leuke attractie en als je in de buurt bent moet je zeker even een kijkje nemen. Reken op een uurtje om het allemaal te zien. Ook voor kinderen is het leuk!
Video van Orgues de l'Ille sur Tet
E-Magazine
Kaart van Orgues de l'Ille sur Tet en omgeving
Les plus beaux villages de France weergeven op een grotere kaart
In de buurt van Orgues de l'Ille sur Tet
Castelnou: mooi dorp in Catalonië
Mosset: fraai dorp in het woeste landschap van de Pyreneeën **

Mosset is gebouwd op een berg en ligt prachtig in het landschap.
Slaapdorp
Toch is Mosset nog vooral een slaapdorp. Verwacht hier geen ruime keuze in restaurants en leuke winkeltjes. Het is veel minder toeristisch als bijvoorbeeld Villefranche de Conflent dat hier niet ver vandaan ligt. Maar er is wel een bakker en eten kan je er ook. Er is ook één echte toeristische attractie en dat is de ‘Tour de parfums’. Zoals de naam al doet vermoeden is dit een museum over geuren en smaken. Het ligt een beetje aan de rand van het dorp bij de parkeerplaats in een modern gebouw dat er maar weinig aantrekkelijk uitziet.

Steegje met trap in Mosset, Frankrijk
Volgens de folders moet het een geweldige ervaring zijn met moderne interactieve zaken. Wij besloten het links te laten liggen en het dorp in te lopen. Vanaf de parkeerplaats loop je zo het plein met de kerk op. Dat is niet echt groot en aangezien de doorlopende weg hier overheen gaat is het niet echt één van de mooiste pleintjes in Frankrijk.
De ingang van de kerk is anders dan je gewend bent. Hier vind je geen driedubbel portaal of een opvallend timpaan met een laatste oordeel en zelfs geen dubbele deuren. Dat vonden de inwoners van Mosset blijkbaar maar overdreven en dus kom je de kerk binnen via een kleine deur, wel met een flinke luifel en wat bloempotten ernaast. Over begroeiing gesproken, op het dak van de toren groeit een flinke boom die fier boven het dorp uitsteekt. Je ziet hem al van verre en als ik de pastoor was zou ik daar toch iets aan doen. Kennelijk is de pastoor een natuurliefhebber of gewoon te oud om de toren nog te beklimmen en het uit de kluiten gegroeid stuk onkruid te verwijderen.
De geestelijkheid van Mosset was bij ons bezoek toch niet zo actief want wij kwamen de kerk niet binnen, die was gesloten. Dat is wel jammer want in het gebedshuis zijn mooie stukjes houtsnijkunst te bewonderen. Als de binnenkant van de kerk in dezelfde staat is als de buitenkant is het helemaal interessant. Een beetje versleten kerk heeft wel wat.
Tijdens een wandeling door Mosset is het leuk om je ogen goed te kost te geven. Veel huizen hebben mooie kleine details. Zo is er een huis met een uitgehakte stenen beer dat herinnert aan de tijd dat er in de streek nog beren woonden. Oplettende lezertjes weten dat ook nu weer beren zijn losgelaten in de Pyreneeën maar die zijn ver weg hoog in de bergen. Je hoeft dus niet bang te zijn om te eindigen als lunch van zo’n harige jongen.
Het uitzetten van deze wilde beesten heeft geleidt tot behoorlijke discussie in deze streek want de inwoners worden hier over het algemeen niet zo blij van. Het zijn zeker mooie beesten, maar als er beren hier in de polder worden losgelaten zou ik er ook mijn bedenkingen over hebben en mijn dochter niet meer naar het hockeyveld laten fietsen. Al ben ik hier geen kunstgrasvelden tegengekomen, daarvoor moet je in Spanje zijn.

Muur van de oude burcht van het dorpje Mosset in Frankrijk
Tegenover de kerk beginnen de nauwe straatjes en steegjes waar je heerlijk kan verdwalen. De huizen staan dicht bij elkaar en zijn gebouwd van natuursteen. Deze bouwproducten zijn niet allemaal direct uit de natuur gehaald want sommige ‘bricoleurs’ gebruikte de stenen van het kasteel als provisorische bouwmarkt. Als je goed kijkt kan je de stukken steen die ooit kasteel waren nog herkennen in de huizen.
Het labyrint van steegjes en trappen leidt je uiteindelijk naar het kasteel van Mosset. Stel je hier niet te veel van voor trouwens, want veel meer dan een oude toren en een muur is het niet, de rest is nu huis geworden. Een aantal informatiebordjes vertelt wat meer over de geschiedenis van deze ruïne. Mooi uitzicht heb je hier wel, net als op het terras van de herberg maar die is beneden.
Eus: dorp met steile straatjes en prachtig uitzicht ***
Wij bezochten Eus begin augustus en dat is toch hoogseizoen en dus hou je rekening met een van toeristen uitpuilend dorpje. Maar niets van dit alles. Het was er buitengewoon rustig. Dit was voor ons natuurlijk een aangename verrassing maar gezien het forse parkeerterrein had de gemeente toch meer volk verwacht. Nu was het warm en zo rond het middaguur, maar meer dan drie auto’s met toeristen hebben we niet gezien. Later in de middag bezochten we Villefranche de Conflent en daar was het wel druk.

Uitzicht op de Pyreneeën door één van de steegjes.
Eus zelf bleek niet helemaal uitgestorven en we vonden in het lagere gedeelte van het dorp een terrasje waar we een kop koffie dronken. Terwijl wij van onze versnaperingen en het uitzicht genoten vulde het terras zich langzaam met dagjesmensen en fietsers, waardoor zowaar de schaduwplekjes onder de dikke boom allemaal bezet waren.
De Fransen besloten massaal lunch te bestellen, waardoor al snel grote borden met heerlijke salades en visschotels uit het kleine pandje van het restaurantje werden gedragen. Na enige twijfel besloten we toch maar de kleine straatjes te verkennen en niet mee te doen aan de smulpartij. Ik vraag mij nog steeds af of dit wel een juist besluit was.
Kunstenaars
Combineer een mooi dorpje met het zuiden van Frankrijk en als een soort chemisch proces ontstaan er vanzelf kunstenaars. Dat is ook gebeurd in Eus en ik geef die kunstenaars geen ongelijk. Ik ben geen kunstenaar maar zelfs ik kreeg inspiratie toen ik door de kleine steegjes liep. Een lichte aandrang tot het maken van een gedicht, een sonnet of iets dergelijks maakte zich van mij meester. Gelukkig wist de geharde toerist in mij de overhand te krijgen, waarna we in de hete middagzon het dorp verder onderzochten. Zeg je kunstenaars in een Frans dorp, dan zijn de Nederlanders niet ver weg. En ook dit klopt, want in Eus woont en werkt een Nederlandse kunstenares: Nelly van Ledden Hulsebosch. Ze maakt zeker geen onaardig werk.
Kerkje
Doordat het dorp geheel autovrij is, is het lekker wandelen door het dorp, al zijn de straatjes en steegjes soms behoorlijk steil. Met name op de route naar de kerk is het klimmen geblazen. Het kerkje toornt fier boven het dorp uit en was natuurlijk dicht toen wij voor de deur stonden. Ook het kerkelijke personeel was kennelijk druk met de lunch. Dat mocht de pret niet drukken want het is de moeite waard om wat verder te klauteren en om de kerk te lopen.

Eén van de poortjes die Eus karakter geeft.
Aan de zij- en achterkant van de kerk is duidelijk de militaire oorsprong van het gehucht te zien. Het wemelt er van nauwe spleten en spelonken en samen met de schaduw vormt het een prima plek voor een gezonde picknick met een prettig uitzicht. Voor kinderen is er genoeg te klauteren en te klimmen zodat je als ouders zeker nog rustig kan uitbuiken.
Neem op de terugweg de route aan de linkerkant van de kerk want die leidt je door een tunneltje, waardoor je je onmiddellijk in de middeleeuwen waant. Je kan er de geschiedenis bijna ruiken. En dat is niet overdreven, want in afgelopen de twintig eeuwen is hier af en toe flink gevochten. Het hele gebied is twee eeuwen in Spaanse handen geweest en de Fransen hebben meerdere oorlogen gevoerd om het in handen te krijgen.
In de omgeving van Eus
Eus ligt in een streek waar voldoende te doen is. Erg leuk is een ritje in de Train Jaune (gele trein). Deze kleine trein rijdt over een spoor van ruim 60 kilometer en bereikt in Bolquère bijna een hoogte van 1600 meter. Dat is het hoogst gelegen treinstation in Frankrijk. In de zomer rijdt deze trein, speciaal voor toeristen, zonder dak en dan heb je mooi uitzicht. Helaas begon het op de dag dat wij de streek bezochten enorm te regenen, niet echt een goed idee om je in een cabriolettrein te verplaatsen.
Het parcours eindigt in Mont-Louis, een vestingstadje waar Vauban de muren heeft getekend. Nu herbergt het stadje nog altijd een opleidingscentrum voor para’s. Naast deze historische militaire monumenten is een enorme zonneoven te bezoeken die in 1949 werd gebouwd. Daarmee is het de oudste van de wereld en een voorbeeld van alle andere installaties die later zijn gebouwd.
Tot slot zijn er in de directe omgeving van Eus maar liefst drie ‘Beaux Villages’ te vinden: Villefranche de Conflent, Evol en Mosset.
Villefranche de Conflent: stevige vesting in het ruige landschap van de Pyreneeën ***
Militair bouwmeester; Vauban
Vanzelfsprekend heeft Vauban ook in Frankrijk veel gebouwd. Met een beetje verstand van vestingbouw kan je met een gerust hart bij het naderen van een onbekende vesting in Frankrijk qausi-nonchalant tegen je vrienden vertellen dat Vauban het heeft gebouwd. Negentig procent kans dat je gelijk hebt,
en hiermee zal jouw aanzien binnen het reisgezelschap tot grote hoogte stijgen. Enige vereiste is dat je een vesting uit de achttiende eeuw moet kunnen herkennen. Als je dan niet kan, is het verstandiger je mond houden. Maar met een beetje oefening heb je het zo onder de knie.
Ook Villefranche de Conflent is door deze Vauban onder handen genomen. De dominante muren die het complete stadje aan het zicht van de naderende toerist onttrekken, zijn van zijn hand. Deze muren wekken onmiddellijk de nieuwsgierigheid. Wat bevindt zich achter deze muren? Je verwacht een enorme vesting in vorm van kazematten, kazernes en andere militaire gebouwen. Maar niets van dat alles. Achter de hoge m
uren ligt een gezellig dorpje verscholen met leuke winkeltjes, boetiekjes, fijne restaurantjes en terrasjes. Als je eenmaal binnen bent, verraadt alleen het strenge stratenpatroon de militaire oorsprong van de nederzetting.
Natuurlijk is het mogelijk om de muur te beklimmen en dan wordt ook de leeftijd van het stadje duidelijker zichtbaar en met een beetje goede wil kan je de geschiedenis ervan lezen. De muur omvat namelijk twee galerijen onder elkaar. De onderste dateert uit de elfde eeuw, de tweede is gebouwd voor Vauban, achttiende eeuw dus.
Fort Liberia
Naast de hoge muren van het stadje zelf heeft Vauban aan de andere kant van de rivier de Têt een grote burcht gebouwd: Fort Liberia. De kanonnen van deze burcht gaven de Fransen de complete controle over de nauwe vallei die aan alle kanten is omgeven door hoge bergen. Om de logistiek te verbeteren, besloot Napoleon III in de negentiende eeuw tussen het stadje en de burcht een tunnel te graven, een uitdagend plan. Resultaat is een lange tunnel met bijna duizend treden. Het lag eigenlijk in de planning om de tunnel onder de rivier te laten gaan, maar dat werd financieel toch echt te gortig.

Het Fort Liberia ligt hoog boven het stadje. Een lange tunnel verbindt de burcht met het centrum.
Wie over een goede conditie beschikt kan de tocht omhoog door de tunnel nog altijd maken, maar je kan je ook met een 4×4 naar de burcht laten vervoeren om vervolgens via de tunnel naar het stadje af te dalen.
Grotten
Villefranche de Conflent herbergt nog meer ondergrondse schatten. In een straal van vijfhonderd meter liggen namelijk maar liefst drie grotten. Twee daarvan zijn in het dorp toegankelijk en in één van de grotten zijn sporen van prehistorische bewoning gevonden. De vallei is dus al heel lang bewoond. In de grotten worden in de zomer ’s avonds concerten gegeven. Dat lijkt mij een unieke ervaring.
Kerk
Tot slot is er natuurlijk een kerkje te vinden.
Het is in dit geval een Romaans exemplaar uit de twaalfde en dertiende eeuw. De buitenkant heeft een klassieke vorm die je in veel dorpen en steden in de Villespir tegenkomt. De portalen zijn zeer fraai en het interieur is redelijk druk versierd met allerlei altaarstukken, zijkapelletjes en een in mooi wit aangeklede Madonna. Dat geeft mij altijd het aangename gevoel dat ik zeer zuidelijk ben.
In de omgeving

Kapiteel van het kleine kerkje.
Villefranche de Conflent ligt in een streek waar voldoende te doen is. Erg leuk is een ritje in de Train Jaune (gele trein). Deze kleine trein rijdt over een spoor van ruim 60 kilometer en bereikt in Bolquère bijna een hoogte van 1600 meter. Dat is het hoogst gelegen treinstation in Frankrijk. In de zomer rijdt deze trein, speciaal voor toeristen, zonder dak en dan heb je mooi uitzicht. Helaas begon het op de dag dat wij de streek bezochten enorm te regenen, niet echt een goed idee om je in een cabriolettrein te verplaatsen.
Het parcours eindigt in Mont-Louis, een vestingstadje waar Vauban de muren heeft getekend. Nu herbergt het stadje nog altijd een opleidingscentrum voor para’s. Naast deze historische militaire monumenten is een enorme zonneoven te bezoeken die in 1949 werd gebouwd. Daarmee is het de oudste van de wereld en een voorbeeld van alle andere installaties die later zijn gebouwd.
Tot slot zijn er in de directe omgeving van Villefranche de Conflent maar liefst drie andere Plus Beaux Villages de France te vinden: Eus, Evol en Mosset. Wat een weelde daar.
Evol: bergdorp met prachtige straatjes en pleintjes ***

Evol is zeer klein maar heeft charmante huizen en straatjes.
Aangename sfeer
Ondanks het korte bezoek hebben we goed van de sfeer in Evol kunnen proeven. Er hangt een rustige atmosfeer waarin niets hoeft en alles mag, lekker Frans zeg maar. Je gaat er vanzelf langzamer van lopen. Auto’s komen het dorp niet in. Dat kan ook niet want het oude dorp is gebouwd tegen een heuvel in de tijd dat de automobiel nog niet was uitgevonden. De straatjes zijn te stijl en te smal om je in een auto te verplaatsen. Prima wat mij betreft, blik is handig maar in zo’n dorp wil ik het liever niet zien.
Alle huisjes lijken te zijn gebouwd door een stel stenen op elkaar te stapelen. Ook de daken zijn allemaal hetzelfde. Als je zo een hele stad zou bouwen zou het behoorlijk saai worden maar in een dorp geeft dit een prachtig eenduidig beeld. De kleine straatjes, of beter steegjes, lopen soms stijl omhoog en worden afgewisseld door gezellige pleintjes. Sommige bevatten een terras waar je prima iets kan drinken om af te koelen. Eten is ook mogelijk, maar heel ingewikkeld zal het niet worden.
Verwacht in Evol geen boetiekjes, juweliers of andere etablissementen. De toeristische industrie is hier niet aanwezig maar een biertje of een koel glas rosé is hier wel te krijgen. De belangrijkste zaken in het leven zijn hier dus geregeld. Ook zijn er een paar kunstenaars maar welk Frans dorp heeft dat niet?

Helaas was de priester met lunchpauze waardoor het kerkje was gesloten.
De kerk is altijd iets waar je naar binnen gaat tijdens een bezoek aan zo’n dorpje. Maar dat zat er voor ons niet in: de kerk was op slot. Kennelijk had de priester ook lunchpauze, en die duren in deze streken over het algemeen lang. Voor ons wel jammer want er bevindt zich in het kerkje van Evol een bijzonder altaarstuk, dat ik graag gezien had.
Naast de kerk heeft het dorp in de Pyreneeën ook de beschikking over een mooi kapelletje en het geboortehuis van de Franse schrijver Ludovic Massé. Daar had ik nog nooit van gehoord maar dat kan een gebrek aan algemene kennis zijn.
In de omgeving
Evol ligt in een streek waar voldoende te doen is. Erg leuk is een ritje in de Train Jeune (gele trein). Deze kleine trein rijdt over een spoor van ruim 60 kilometer en bereikt in Bolquère bijna een hoogte van 1600 meter en dat is ook direct het hoogst gelegen treinstation in Frankrijk.
Het parcours eindigt in Mont-Louis, een vestingstadje waar Vauban de muren van heeft getekend. Deze architect heeft zo’n beetje half Frankrijk voorzien van vestingmuren. Nu herbergt het stadje nog altijd een opleidingscentrum voor para’s. Naast deze historische militaire monumenten is een enorme zonneoven te bezoeken die in 1949 werd gebouwd. Daarmee is het de oudste van de wereld en een voorbeeld van alle andere installaties die later zijn gebouwd.
Tot slot zijn er in de directe omgeving van Evol maar liefst drie Beaux Villages te vinden: Eus, Villefranche-de-Conflent en Mosset.