
Giverny ****De briljante tuinen van Claude Monet
Voor mij was een bezoek aan Giverny een persoonlijke ervaring al kan ik mij voorstellen dat bijna voor iedereen geldt want als wie niet geraakt wordt door het werk van Monet mankeert wel iets. Hij weet met kleuren als geen ander je te raken en dat maakt Claude Monet zonder twijfel tot de grootste schilders die ooit hebben geleefd. Zeker in Frankrijk is hij een halfgod en dat maakt Giverny tot een bedevaartsoord voor elke kunstliefhebber.
Monet in Nederland
Omdat ik betrokken ben bij de stichting die het verhaal van Monet in de Zaanstreek vertelt ben ik vaak bezig met Monet. Dat wekt natuurlijk interesse en dus verdiep je je in het leven en het werk van deze meester. Als je dan het woonhuis van de man bezoekt maakt het toch een beetje speciaal.
Nooit meer geldzorgen
Monet verhuisde in 1883 van Parijs naar Giverny en daarmee sloot hij een moeilijke tijd na het overlijden van zijn vrouw Camille af. Op deze plek vond hij rust en inspiratie en had hij bovendien de ruimte om te tuinieren, zijn grote hobby. Ook zijn werk werd na de verhuizing steeds beter gewaardeerd waardoor langzaam maar zeker de kassa in huize Monet begon te rinkelen. In Giverny zou hij nooit meer geldzorgen hebben en kon hij in 1890 zelfs het huis kopen. In totaal woonde Monet meer dan 40 jaar in Giverny tot zijn dood in 1926. Hij is even verder in het dorp bij het kerkje begraven en daar ligt hij nog steeds.

In het atelier van Monet zit nu de museumwinkel met vele leuke en interessante producten.
Ik bezocht het huis op een nogal regenachtige dag in juli. Vanaf de gîte was het ruim een uur rijden door het prachtige landschap van Normandië. De ruitenwissers gingen tijdens de rit vaak in de hoogste stand en hoewel ik dat wel een soort van feestje vind, net als het ontsteken van de mistlamp, hebben we van de omgeving weinig gezien.
Bij onze aankomst in Giverny was het even droog maar terwijl we naar het huis van Monet liepen begon het weer te druppelen. Gelukkig was de temperatuur aangenaam; prima omstandigheden voor het bezoeken van een tuin.
Het huis staat aan de hoofdstraat en die is afgesloten voor auto’s. Het is daar aangenaam lopen te meer omdat er best mooie panden staan. Het is wel duidelijk dat de plaatselijke economie het goed doet op het Monettoerisme want er zijn hier veel restaurantjes, kunstwinkeltjes en andere middenstand te vinden. Daarbij was de straat ook mooi ingericht waardoor het geheel een bijna chique uitstraling heeft.
Door de buien was het niet druk en voor de ingang stonden slechts een paar mensen. Het museum heeft vier verschillende onderdelen; het huis, de tuin, de Japanse tuin en het atelier dat nu dienst doet als museumwinkel.
Atelier annex winkel
Na de ingang wordt je eerst naar de prachtige achtertuin, Les Clos Normand genaamd, geleid. De staan werkelijk vol met bloemen maar helaas stonden wij deze nog geen vijf minuten te bewonderen toen een ware wolkbreuk ons dwong in de museumwinkel te schuilen en daar vermaakten we ons uitstekend.
Allereerst is dit het atelier van Monet en dat maakt het een historische ruimte. Hier heeft hij de enorme schilderijen van zijn waterlelies heeft gemaakt, misschien wel zijn bekendste werk. Het zal je niet verbazen dat het licht door de glazen daken bijzonder aangenaam is. Opvallend was wel dat het dak niet helemaal waterdicht was maar gelukkig waren de medewerkers hier op berekend met emmertjes en dweilen.
Het aanbod in de winkel omvat het hele spectrum tussen kunst en kitsch. Ik werd bijzonder hebberig van de prachtige kunstboeken en mooie affiches terwijl mijn dochter verliefd werd op de prachtige verfkistjes en mooie penselen. Maar je kunt hier ook terecht voor een geborduurde versie van het huis voor in de kerstboom, een echt monetluchtje en natuurlijk de kussens met waterlelies motief. Ook het gele servies van de schilder is hier gewoon te krijgen. Genoeg moois om je een minuut of twintig mee te vermaken.
De achtertuin (Le Clos Normand)

Een laan met bloemen met daarachter het huis van Monet.
Dat was genoeg voor ons want de ergste regen was voorbij en we begonnen vrolijk aan de wandeling in de tuin. De regenbui en de langzaam doorbrekende zon gaven de tuin een heerlijke frisse bijna knisperende sfeer. De kleur van de bloemen spatte op mij af en de geur van regen mengde heerlijk met die van de planten en bloemen. Regen heeft zo zijn voordelen.
Nu ben ik zelf niet echt van het tuinieren maar een mooie tuin herken ik wel en daar kan ik ook echt van genieten. En dit is een mooie tuin. Monet heeft hem zelf ingericht en aangelegd. Hij zal later wel hulp hebben gehad maar zeker in de eerste jaren moet hij hier veel werk hebben verzet.
De tuin bestaat uit tal van verschillende perken met duizenden verschillende planten en bloemen. Monet is zijn halve leven druk geweest om de perken in te delen zodat de kleuren goed bij elkaar passen. En dat is gelukt; het klopt allemaal en dat maakt het heerlijk om tussen de hoge planten over de paden te lopen.
Het was nog rustig en de kleine ruimtes in de tuin voelde prettig en intiem aan. Ik kon mij ook makkelijk voorstellen hoe dat de meester met een rieten hoed en gewapend met rozenschaar aan het werk was en ik kreeg het gevoel dat ik hem na iedere bocht tegen het lijf zou kunnen lopen.
Amerikanen
De tuin is niet altijd zo geweest want na de dood van de schilder is het huis en de tuinen verwaarloost. Pas in de jaren zeventig van de vorige eeuw werd het geheel weer hersteld onder leiding van de curator van het Paleis van Versailles en voor een groot deel gefinancierd door Amerikaans privégeld. Zelfs president Nixon heeft zich hier nog druk voor gemaakt.
Maar terug naar het leven van de meester zelf, grofweg een eeuw eerder. Rond 1890 ging het zakelijk steeds beter met Monet waardoor hij in staat was om het huis en de tuin te kopen. Drie jaar later kocht hij aan de overkant van de weg een braak stuk land die hij verbouwde tot de beroemde Japanse tuin.
Japanse tuin
Het mocht wat kosten. Er kwam een vijver waarvoor een stroompje werd omgelegd, er werden tal van exotische planten geplant en er werd een Japanse brug aangelegd. In de vijver kwamen waterlelies waarvoor een tuinman ingehuurd die zich alleen met de waterplanten bezig hield. Uiteindelijk wil elke Fransman zijn eigen Versailles bouwen.
Deze Japanse tuin is compleet gescheiden door de weg en die bereik je door een kleine tunnel. Monet stak gewoon de weg over maar toen was het verkeer lang niet zo druk. Al had hij de huidige automobiel wel mooi gevonden want hij was dol op autorijden en bezat er ook een aantal.
In de tunnel troffen we een groep Italianen die er nog niet overtuigd waren dat de regen voldoende was gestopt. De groep voerde een discussie hoe schadelijk het water zou zijn voor hun kapsel en kleding zoals Italianen dat goed kunnen. Wij stapten ondertussen de tunnel uit waarna het harder begon te regenen. Die Italianen zouden we voorlopig niet zien.
Monet in Zaandam
Monet is twee keer in Nederland geweest waarbij hij vier maanden in de Zaanstreek is geweest. Zijn bezoek valt precies op het moment dat de industrialisatie hier begint en dat betekent de overgang van molens naar fabrieken. Hij heeft dus nog net de vele molens gezien die langs de Zaan stonden te draaien.
Monet was dol op de Zaan, de kleuren van het water, de molens en de huizen. In totaal heeft hij hier 25 schilderijen gemaakt gemaakt en hoewel die niet behoren tot zijn topwerk zijn ze stuk voor stuk erg interessant. Net als de Zaanstreek stond ook Monet voor een grote verandering; zijn aandacht zou zich steeds meer richten op het spel van het licht en kleur. Het is hier dat hij voor het eerst een reeks schilderijen in een aansluitende periode op één locatie maakt. Hij ziet dat het licht de kleuren en de plaats anders maakt.
Terug in Frankrijk experimenteert hij hier verder mee en maakt hij zijn beroemde series van de kathedraal van Rouen, van de hooibergen en natuurlijk de waterlelies in zijn tuin in Giverny.
Als je de Zaanstreek bent kan ik je aanraden om even te gaan kijken naar het MonetAtelier. Het staat precies op de plek in Zaandam die Monet heeft geschilderd.
Japanse Tuin
De Japanse tuin heeft een totaal andere sfeer dan de tuin aan de andere kant van de weg. Je loopt eerst langs een beek met hoge bamboe en andere struiken waarna je na een aantal bochten de eerste blik kan werpen op de vijver die je onmiddellijk herkent.
Heb je in de andere tuin het idee dat je Monet tegen het lijf kan lopen, in de Japanse tuin heb je het idee dat je in een schilderij van de meester loopt. Dit komt volgens mij door twee dingen die allebei aan hem zelf zijn toe te schrijven.
Ten eerste is de tuin briljant. Naast dat het een geweldige schoonheid heeft geeft de sfeer die hier hangt je rust en voelt het vertrouwd. Daarbovenop komt natuurlijk het genie van de schilder zelf. Monet kon als geen ander door middel van kleur een bepaalde sfeer in een schilderij overbrengen.

De beroemde vijver in de Japanse tuin met op de achtergrond het bruggetje met de blauwe regen.
En dit mes snijdt aan twee kanten. Aan de ene kant is er de tuin zelf die net als zijn schilderijen op een prachtige manier is ingericht. Aan de andere kant ken je door zijn schilderijen de tuin al. Of je een echte Monet hebt gezien of slechts een reproductie of zelfs een goede foto; hierdoor ken je de sfeer van de Japanse tuin en herken je het direct als je er bent.
Natuurlijk zijn er de details zoals het bootje waarin hij schilderde, het bruggetje en natuurlijk de lelies zelf. Ook deze herken je en het is erg leuk om die in het echt te zien maar het is vooral de sfeer die het bij mij deed; een heerlijke ervaring.
Hoe indrukwekkend de Japanse tuin ook is, het is en blijft een gecreëerde decor die Monet gebruikte ter inspiratie. Toen ik terug liep besefte ik mij dat goed omdat ik vlak langs de weg liep en ik toen pas de auto’s hoorde. Een meter naast het het loopt gewoon de drukke D5 en ook aan de andere kant stopt de tuin plots en begint een weiland.
Het huis
Bij het huis van een natuurliefhebber zoals Monet gaat het natuurlijk vooral om de tuin, of tuinen in zijn geval. Maar als je er toch bent dan hoort een bezoekje aan zijn roze huis er gewoon bij. Ook in zijn huis zien we dat de man altijd in de weer was met kleuren want een aantal kamers hebben een kleur als thema.
Op mij maakte de eetkamer en de keuken de meeste indruk. Misschien heeft dat met mijn voorkeur voor koken en eten te maken. De eetkamer is geel en dat geeft de hele kamer een vrolijke uitstraling. Het staat ook het gele servies dat je aanschaffen in de museumwinkel. Het is best een aardig servies trouwens.
De rest van de kamers zijn leuk om te zien en er hangen reproducties van zijn werken die hij hier en in de omgeving heeft gemaakt. Ik heb nog gekeken of er nog Zaanse Monet hingen maar helaas was dat niet het geval en dat terwijl hij zo dol was op onze streek.
Video van Giverny
Beelden van Giverny











E-Magazine Cotentin
In bezit een ereader of tablet? Download dan het E-Magazine over de Cotentin. Deze lees lekker je op je vakantieadres en ontdek je mooiste dorpen en leukste plekken.

Kaart van Giverny en omgeving
Les plus beaux villages de France weergeven op een grotere kaart
In de buurt van Giverny
Auvers-sur-Oise: de laatste maanden van Vincent van Gogh
Er zijn mensen die denken dat Rembrandt, Vermeer, Mondriaan of wellicht De Kooning de beste Nederlandse schilder ooit is. Dat is natuurlijk een vergissing. Het is namelijk Van Gogh en als je er beetje over nadenkt dan kan je geen andere conclusie. Werkelijk overal ter wereld kent men Vincent en nergens anders staan er zo lange rijen voor een museum dan voor het Van Gogh museum in Amsterdam. Elk museum in Japan, Egypte, Amerika, Iran, Australië of waar dan ook dat werk van hem heeft presenteert het als een pronkstuk. Dat is natuurlijk geen bewijs voor maar het gevolg van de kwaliteit van het werk van Van Gogh.

Eén van de meesterwerken die Van Gogh schilderde tijdens zijn verblijf in Auvers sur Oise is het ‘Korenveld met kraaien’.
De echte reden is dat zijn werk je raakt en dat hij van een unieke generatie is die kunst opnieuw definieerde, een eigen weg in sloeg die net even verder ging waardoor het je ziel harder raakt. Mocht je twijfelen ga maar kijken in Amsterdam of in het Kröller-Müller. Voor Mozart geldt trouwens het zelfde, ook zijn werk raakt je onmiddellijk hard in je ziel.
De Nederlandse zeventiende-eeuwse meesters vallen echt in een andere categorie. Ik werd daar nog eens fijntjes op gewezen toen ik het Louvre bezocht. Dit enorme museum heeft een ongelofelijke collectie schilderijen waaronder ook werk van Vermeer en Rembrandt. Ze hangen prachtig maar wel op de derde verdieping van de minst belangrijke vleugel op meer dan een kwartier lopen van de ingang. Tijdens mijn bezoek was de afdeling Nederlandse schilderkunst bovendien gesloten. Niemand maakte zich druk hierover en negentig procent van de bezoeker is het waarschijnlijk niet eens opgevallen. De Nederlandse schilders uit de zeventiende eeuw hebben indrukwekkend werk gemaakt maar het valt in het niet met wat Van Gogh de wereld heeft laten zien.
Enfin je snapt wat ik wil zeggen; ik vind Van Gogh een hele grote en ik ben niet alleen. Al behoort hij eigenlijk niet tot mijn favoriete schilders en weet ik ook niet zoveel van hem. Een goede vriend van mij, die ook een artikel over Vincent op Dorpen in Frankrijk heeft geschreven, heeft wel een grote interesse in Van Gogh en hij wees mij er dan ook op dat de schilder aan het einde van zijn leven vlakbij Parijs woonde. Dat wist ik eigenlijk niet en toen wij in de buurt een gîte huurden ga je natuurlijk even kijken.
Pronkstuk

Een wandeling door Auvers-sur-Oise is heel erg leuk als je het werk van Van Gogh een beetje kent omdat je allerlei plekken tegenkomt die je herkent.
Over pronkstukken gesproken; In 2018 werd in een televisieprogramma het Plakkaat van Verlatinghe door de Nederlandse bevolking is gekozen tot het ‘Pronkstuk van Nederland‘. Dat is natuurlijk een vergissing. Wellicht heel belangrijk, maar echt geen bal om naar te kijken natuurlijk. Deze vergissing is niet erg en het kwam door een mengeling van nationale gevoelens en een aantrekkelijk pleidooi van Pleij, laat dat maar aan hem over. Het echte pronkstuk van Nederland kan natuurlijk alleen maar door Vincent Van Gogh zijn gemaakt. Zijn werk is het allermooiste en beste dat ooit door een Nederlander is gemaakt. Okay Rembrandt komt lichtelijk in de buurt maar je hebt het toch over het verschil tussen Beckenbauer en Cruijff.
De enige die daarbij in de buurt komt is Anne Frank. Maar een Duits geboren meisje en een Nederlander die zijn heil zocht in Frankrijk kan natuurlijk geen titel als het ‘Pronkstuk van Nederland’ worden gegeven. Daarbij past het niet in de Nederlandse cultuur om één iemand op het schild te hijsen en het is dan ook veilig om iets te kiezen wat door een collectief en in onze ogen redelijk anoniem is gemaakt. Dat snapt iedereen en daarom werd het iets waar niemand ooit van gehoord had, al is dat laatste moeilijk toegeven. Heb ik gelijk? Natuurlijk! Na het lezen van dit stukje weet je weer wat het Plakaat van Verlatinghe is terwijl je Van Gogh niet was vergeten.
Gewoon rondwandelen
Ik had eigenlijk geen idee wat ik mij moest voorstellen van het dorp. Ik kende alleen het schilderij met de kerk van het dorp maar verder wist ik niets. Bij aankomst viel het in eerste instantie niet mee. Het is eigenlijk een gewoon Frans dorp. Mijn goede vriend Jeroen had mij de tip gegeven dat ik gewoon maar een beetje moest rondwandelen én dat een bezoek aan zijn kamer wel interessant is. Hij had helemaal gelijk.
Omdat onze gîte in het volgende dorp stond hebben we Auvers in twee dagen gedaan, of eigenlijk twee dagdelen. Bij ons eerste bezoek liepen we vanaf het Hotel de Ville naar de begraafplaats. Deze aangename wandeling leidt je langs een mooi deel van het dorp en bovendien langs de kerk die Van Gogh heeft vereeuwigd. De begraafplaats ligt iets buiten het dorp boven op een heuvel en als je slecht ter been bent kan je hiervoor beter de auto nemen, ben je dat niet dan is een wandeling verplicht.
Dit is de dezelfde wandeling die zijn vrienden en zijn broer maakten bij de begrafenis van Vincent. Niet vanuit de kerk zoals je zou verwachten, maar vanuit kroeg waarboven hij een kamer had gehuurd.

Op de plekken waar Van Gogh een schilderij heeft gemaakt staan grote borden.
Omdat hij zichzelf met een vuurwapen dodelijk had verwond werd het gezien als zelfmoord en dat maakte een dienst in de kerk lastig. Als alternatief hebben zijn broer en zijn vrienden hem herdacht in de eetzaal van Auberge Ravoux waar ze zijn kist hebben omgeven met zijn schilderijen waarna ze hem naar de graf hebben gebracht. Een karige dienst voor een man die dingen heeft gemaakt die zoveel mensen hebben kunnen genieten. Om het platter zeggen; de schilderijen die het lichaam van Van Gogh omringden hebben nu zoveel waarde je achteraf kunt zeggen dat het de duurste begrafenis in de Franse geschiedenis was.
Begraafplaats
Op het bordje bij ingang van de begraafplaats staat keurig aangegeven waar de grote schilderheld ligt begraven. Ik had dat bord wel gezien maar mijn aandacht direct werd getrokken door de tekst dat er ook Engelse oorlogsgraven aanwezig waren waarop ik mij afvroeg van welke oorlog deze waren. Hierdoor miste ik de aanwijzing waar Van Gogh lag en liep dus maar gewoon de begraafplaats op met het idee dat dit toch wel zou staan aangegeven. Niet dus.
Nu is de begraafplaats van Auvers sur Oise niet heel erg groot maar het duurde toch even voordat ik het gevonden had. Sterker nog, ik wandelde er gewoon voorbij en vond eerst het graf van Corneille. Dat is eigenlijk niet zo heel gek want deze schilder van de Cobra heeft en prachtig graf met een grote afbeelding van zijn werk terwijl Van Gogh een zeer bescheiden steen heeft. Gelukkig liggen ze binnen vijf meter van elkaar en dat is eigenlijk best bijzonder.
Deze twee Nederlanders zijn trouwens niet de enige kunstenaars die hier rustten. Schrijvers, beeldhouders, dichters en schilders; er liggen een heel stel. Het geeft maar aan de het geen toeval is dat Vincent van Gogh hier heeft gewoond en gewerkt; dit is een dorp dat veel kunstenaars aantrok en dat nog altijd doet.

Het graf van Vincent van Gogh met daarnaast die van zijn broer Theo waarmee hij een zeer warme band had. Het graf ligt tegen de buitenmuur waar achter de akkers liggen waarvan de schilder zoveel van hield.
Voor Van Gogh was de keuze voor Auvers sur Oise een logische omdat het relatief dicht bij zijn broer Theo was, er een goede dokter woonde die hem een beetje in de gaten kon houden en dat hij in de natuur en het boerenland rondom het dorp genoeg inspiratie was om te schilderen.
Topwerk
De verhuizing pakte dan ook goed uit voor de schilder. Hij huurde een kleine kamer, sloot vriendschap met de dokter en vond het dorp en omgeving prachtig. Dagelijks trok hij met zijn schildersezel het landschap in en schilderde in korte tijd ongeveer tachtig schilderijen waaronder een flink aantal meesterwerken. Niet alleen landschappen maar ook de portretten die hij hier maakte zijn van een ongekende schoonheid. Vooral de kleuren zijn echt adembenemend.
Van Gogh leek zijn draai gevonden maar toch ging het goed mis. We weten eigenlijk niet wat er gebeurd is maar de officiële versie is dat Van Gogh het veld is ingelopen en zichzelf in zijn buik heeft geschoten. Ernstig gewond strompelt hij terug naar zijn kamer in Auberge Ravoux waar alarm wordt geslagen. Zijn broer komt de volgende dag vanuit Parijs en vindt hem betrekkelijk vrolijk in zijn bed. Bovendien rookt hij rustig zijn pijp. Dat geeft hem moed maar de verwondingen zijn toch te ernstig. Vincent van Gogh sterft de volgende nacht in het bijzijn van zijn broer en de dokter waarmee hij ook een sterke band mee heeft.
Kamer in de herberg
Zijn kamer waar hij is gestorven kan je bezoek in de herberg en is zoveel mogelijk in oude staat hersteld en kan je bezoeken. De herberg staat tegenover het gemeentehuis en is nog steeds een restaurant. Als je eerst iets wilt eten dan moet je de voordeur in en als je de kamer van Van Gogh wilt zien dan moet je linksom naar de achteringang. In een klein hokje zit een mevrouw en koop je een kaartje waarna je naar de eerst verdieping mag. Daar is een kleine boutique met veel boeken en allerlei Van Gogh souvenirs en daar moet je even wachten omdat de kamer alleen met een rondleiding kan worden bezocht. Je kan kiezen tussen Frans en Engels.

In de herberg is nu een klein museum gevestigd.
Wij kozen voor het laatste en werden in het bekende Frans Engels door een charmante dame naar boven geleidt. Ons groepje bestond naast ons uit twee Aziatische vrouwen en een meisje uit Amerika. Ze kwam uit Portland en was helemaal alleen uit Parijs gekomen om het dorp van Van Gogh te bekijken. Ze was jarig en is een groot fan van de schilder zo verzekerde ze mij.
Kamertje van Vincent van Gogh
Na het bestijgen van de trap stonden we plots in een heel klein kamertje met een inbouwkast en een stoel, de muren zijn kaal met hier en daar een scheur. De langste wand, die de kamer scheidt van een ander kamertje, is helemaal ‘ingepakt’ met doorzichtig perspex. De bedoeling was mij niet duidelijk en de gids kon er ook geen duidelijk antwoord opgeven.
De plek gaf mij een bijzonder gevoel, ik noem het maar historische sensatie en dat is een vreemd ding wat ik niet helemaal kan verklaren. Ik geloof niet zo in krachten die ik niet kan waarnemen maar in dit kamertje werd ik toch een beetje emotioneel. Ik heb dat gevoel eerder gehad zoals in Oradour, de kerk in Carcassonne, de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog en in Sachsenhausen. Nu ik dit zo opschrijf besef ik mij dat het allemaal plekken zijn waar mensen zijn gestorven. Het gevoel zal ongetwijfeld te maken hebben dat je weet dat er op die plek in het verleden iets is gebeurd maar ik sta er altijd een beetje verbaasd over dat ik het voel.
De gids vertelde dat Vincent van Gogh hier had gewoond en redelijk gelukkig was geweest. Het kamertje is veel te klein om tachtig schilderijen te herbergen en omdat er meer schilders in de herberg woonden had de eigenaar beneden een opslag waar het werk kon worden opgeslagen.
Eten deed Van Gogh in de eetzaal die er ook, zo verzekerde de gids mij, weer helemaal uit ziet als in de tijd van Van Gogh hier leefde. Inmiddels was het duidelijk dat de Aziatische dames zich aan het verveelden en begonnen het andere kamertje te bekijken. Dat was niet helemaal de bedoeling en de gids opent een deurtje waarin de dames in nog een derde ruimte verdwijnen. Even later is ze terug terwijl er muziek begint te spelen. Ze wil duidelijk nog even doorpraten en dat doen we dan ook.
Vraagtekens bij zelfmoord
Het onderwerp is de dood van Vincent van Gogh. Hier zijn volgens de gids nog veel vragen en het is eigenlijk onduidelijk of het wel zelfmoord is geweest. Volgens haar is het heel moeilijk om je in de zijkant in je buik te schieten met een pistool. Daarbij is jezelf in je buik schieten niet de meest handige manier om er een einde van te maken.
In het politierapport staat dat Van Gogh op de laatste dag heeft verklaard dat hij zichzelf heeft neerschoten maar er staat tevens dat vlak na zijn verklaring de beide broers in bij zijn van de agent en de dokter lang in het Nederlands hebben gesproken. Dit is vreemd want ze spraken normaal gesproken Frans met elkaar. Het is dan ook niet in het rapport terug te vinden wat er toen besproken is. We zullen het waarschijnlijk nooit helemaal weten.